logo huisartsopleiding nederland

De scoreverdeling in de referentiegroep wordt gerepresenteerd door zogenaamde percentielen. Het vijfde percentiel geeft het scoreniveau aan waar 5% van de aios in de groep onder zit. In LHK-ProF wordt gebruik gemaakt van 4 percentielen: het 5e, 15e , 50e , het 95e percentiel. Het 5e en 95e wordt gebruikt om extreem lage en hoge scores aan te geven, het 15e om de onvoldoende/voldoende grens aan te geven en het 50e percentiel (mediaan) markeert de score van de ‘gemiddelde’ aios. 

 

In alle grafieken worden de percentielen van de referentiegroep met dezelfde kleurencombinaties aangegeven: het gebied tussen 5 en 15 in rood (zwakke score), tussen 15 en 70 in blauw (voldoende score) en tussen 70 en 95 in geel (sterke score). Het gebied onder rood betreft de extreem zwakke scores en boven geel de extreem sterke scores. De ‘gemiddelde’ score (mediaan) ten slotte wordt aangegeven met een witte lijn in het blauwe gebied.

Om te bepalen of een score van een aios goed of minder goed is, is vergelijkingsmateriaal nodig. Daartoe wordt gebruik gemaakt van de scores van de landelijke referentiegroep.  Het is ook mogelijk om te vergelijken met een lokale referentiegroep.

 

Om de uitslagen van de landelijke kennistoets te bepalen worden de aios die in een vergelijkbare fase van de opleiding zitten ingedeeld in groepen, de referentiegroepen. 

 

Bij het bepalen van de referentiegroep wordt uitgegaan van de effectieve studieduur, dit is de studieduur waarbij rekening wordt gehouden met deeltijdpercentage en onderbrekingen. Daarnaast wordt vanaf het 2e jaar rekening gehouden met vrijstellingen. Lees verder.

Bij het geven van feedback over kennis is het niet alleen interessant om te weten hoe de kennis zich ontwikkelt, maar ook hoe die zich in de toekomst zal ontwikkelen als een aios zijn of haar studiegedrag niet wijzigt. 

 

Daarom geeft het programma ook voor elke scorereeks een prognose over één of twee toekomstige meetmomenten. In de grafiek wordt de geobserveerde reeks gevolgd door een voorspelling en een bijbehorend 95% betrouwbaarheidsinterval. De voorspelling is gebaseerd op een best passende rechte lijn die geschat wordt op basis van de geobserveerde punten in de scorereeks. Het betrouwbaarheidsinterval geeft de marges aan van de voorspelling. In het geval van de LHK is het aantal meetpunten zo klein dat voorspellingen vaak niet worden afgebeeld of als dit wel gebeurt zijn ze helaas vaak nog weinig informatief.

Een reeks van meerdere toetsscores geeft een indruk van de kennisontwikkeling van een aios. 

 

Toetsscores hebben helaas ook meetfouten, veroorzaakt door bijv. variatie in de moeilijkheidsgraad en 'aios-vraag interactie' effecten (bijvoorbeeld: een aios die in het algemeen goed scoort op “bewegingsapparaat” kan toch veel moeite hebben met bepaalde vragen over dit onderwerp).

 

Om de invloed van meetfouten te reduceren, wordt gebruik gemaakt van de cumulatieve score. Deze wordt verkregen door het gemiddelde te berekenen van de scores die behaald zijn op een bepaalde LHK-toets en alle daaraan voorafgaande toetsen: de cumulatieve score is dus de-tot-nu-toe behaalde gemiddelde score. Omdat je dan over veel meer vragen het gemiddelde berekent dan bij één LHK-toets is de invloed van de meetfouten veel kleiner. Het verkregen verloop kan daarom beschouwd worden als een indicator met een grotere betrouwbaarheid voor de kennisontwikkeling dan de originele onbewerkte score-reeks. Dat geldt zeker voor de score-reeksen per categorie waarbij het aantal vragen per toets soms erg klein is en de meetfout dientengevolge groot.

In de grafieken wordt de score van een aios aangegeven door een cirkelvormig symbool. Als de aios een toets heeft 'overgeslagen' dan ontbreekt dat symbool op het betreffende meetmoment. 

Voor een aios die aan een LHK-toets deelneemt, geeft het meetmoment aan in welke fase van het curriculum de aios op dat moment zit.

 

Aios in hetzelfde meetmoment vormen samen een referentiegroep. De score van een aios wordt vergeleken met de norm bij deze referentiegroep. Daarnaast wordt ook de chronologische reeks van scores van een aios in een toetsoverzicht gepresenteerd. Van de bijbehorende toetsen is feedback per meetmoment beschikbaar.

 

NB. Zijn er meer toetsen per meetmoment gemaakt, dan wordt de laatst gemaakte toets afgebeeld.

De feedback kan score-informatie betreffen over één bepaalde toets (momentaan) of het scoreverloop over een reeks van toetsen (longitudinaal). 

 

De momentane feedback geeft een beeld van sterkte en zwakte per subdomein op een bepaald tijdstip (bijv. bij de laatste voortgangstoets) en de longitudinale feedback geeft informatie over de groei van kennis in totaal of per subdomein.