Als huisarts moet je weten hoe je adequaat handelt in acute situaties. Dat betekent dat je voldoende kennis moet hebben van spoedzorg én van de systematische benadering van de spoedpatiënt volgens het urgentie-denken. Die kennis doe je op in de praktijk, tijdens terugkomdagen bij je instituut en via de STARtclass.
De STARtclass bereidt je voor op het verlenen van spoedeisende zorg in de huisartsenpraktijk en tijdens diensten op de huisartsenpost in de avond, nacht en het weekend.
Tijdens de cursus leer je werken volgens de internationaal toegepaste ABCDE-methode: het stap voor stap beoordelen van de toestand van een patiënt. Je oefent met deze methode met behulp van fantomen en simulatiepatiënten. Dat doe je in kleine groepjes onder leiding van een ervaren docent.
De STARtclass is een vast onderdeel van je opleiding tot huisarts. Er zijn STARtclassen in het eerste, tweede en derde opleidingsjaar. De kennis en vaardigheden die je bij de eerste cursus (STARTclass I) hebt opgedaan worden bij STARtclass II verbreed. STARtclass II is bedoeld als voorbereiding op je klinische stage(s). Bij STARtclass II is onder meer aandacht voor het beschrijven van ECG’s en röntgenfoto’s.
In STARtclass III oefen je scenario’s over acute zorg in complexe situaties. Verder ga je aan de slag met triagemanagement. STARtclass III sluit aan op STARtclass I en II en op je werk in de praktijk.
Na afloop van STARtclass I en III ontvangt de cursist een deelnamecertificaat. Daarnaast ontvangt de cursist een BLS/AED bekwaamheidscertificaat na de STARtclass I. Dit certificaat heeft de aios nodig om op de huisartsenpost te mogen werken.
De STARtclass is ontwikkeld door Huisartsopleiding Nederland in samenwerking met Schola Medica. De startdata en meer informatie over de inhoud van de cursus:
Heb je vragen over de STARtclass? Neem dan contact op met Schola Medica.